hoofdstuk IITRANSCENDENTALE KENNIS
ARJUNA VOLHARDT IN ZIJN REDENERINGEN TEGEN DE OORLOG
DE LERINGEN VAN DE GITA BEGINNEN MET DE WARE KENNIS VAN DE GEEST EN HET MENSELIJK LICHAAM
DE GEEST IS EEUWIG, HET LICHAAM IS VERGANKELIJK16. De wijzen, die de waarheid zien, erkennen dat de onzichtbare Geest (Atma, Atman) eeuwig is, en het zichtbare fysisch lichaam vergankelijk. Ze kwamen tot deze conclusies na onderzoek van het wezen van beide.
DE DOOD EN DE TRANSMIGRATIE VAN DE ZIEL
DE ONVERGANKELIJKE GEEST TREEDT GEMOED EN SPRAAK BINNEN
DE HEER KRISHNA BRENGT ARJUNA ZIJN PLICHT AS KRIJGER TOT HERINNERING 31. Ten aanzien van je bijzondere plicht als ksatriya behoor je te weten dat er voor jou geen betere taak bestaat dan strijden volgens religieuze beginselen - het is dus onnodig dat je nog aarzelt.
DE BELANGRIJKHEID VAN KARMA-YOGA, DE ONBAATZUCHTIGE DIENSTVERLENING
DE VEDA's BEHANDELEN BEIDE MATERIËLE EN GEESTELIJKE ASPECTEN VAN HET LEVEN 42-43. Mensen met weinig kennis voelen zich bijzonder aangetrokken door de bloemrijke taal der Veda's, die hun verschillende vormen van baatzuchtig streven aanbevelen in geval ze willen worden verheven naar de hemelse gewesten, waar hen een goede geboorte, macht en hemelse vreugde wachten. Begerig naar zingenot en een leven in weelde, zeggen ze dat dit alles te boven gaat. 44. Degenen die te zeer aan zingenot en aardse weelde hangen en hierdoor verward van geest zijn, komen niet tot het vaste besluit de Allerhoogste toegewijd te dienen. 45. De Veda's handelen hoofdzakelijk over de drieërlei aard der stoffelijke natuur. Rijs boven deze geaardheden uit, O Arjuna. Wees aan alle ontstegen. Wees vrij van alle dualisme en alle bezorgdheid om veiligheid en winst en wees hecht verankerd in het zelf. 46. Alle doeleinden die een kleine bron geleidelijk dient, kunnen ineens worden gediend door meren en zeeën. Evenzo kunnen alle doeleinden van de Veda's worden gediend door degene die weet wat hun ene doel is. DE THEORIE EN PRAKTIJK VAN KARMA-YOGA47. Je hebt het recht je voorgeschreven plicht te vervullen, maar de vruchten ervan komen je niet toe. Zie jezelf nooit als oorzaak van het resultaat van je bezigheden en tracht nooit je plicht te verzaken. 48. Wees standvastig in yoga, Arjuna. Doe je plicht en laat alle gehechtheid aan slagen en falen varen. Zo'n evenwichtigheid van geest wordt yoga genoemd. 49. O Dhananjaya , bevrijd jezelf van alle baatzuchtig werk door toegewijde dienst en geef je aan dat bewustzijn volkomen over. Zij die de vruchten van hun werk willen plukken zijn schapers. 50. Wie toegewijde dienst verricht, bevrijdt zich nog tijdens dit leven van de terugslagen zowel van goede als van slechte daden, Arjuna. Tracht dus te handelen in Karma-yoga of Seva - de kunst van alle arbeid. 51. De wijzen, die toegewijde dienst verrichten, zoeken hun heil in de Heer en bevrijden zich uit de kringloop van geboorte en dood door van de vruchten van hun arbeid in de stoffelijke wereld af te zien. Zo kunnen ze daar komen, waar men van alle ellende vrij is . 52. Wanneer je verstand uit het dichte woud der begoocheling te voorschijn komt, zul je onverschillig zijn jegens alles wat er gehoord is en alles wat er nog gehoord zal worden. 53. Is je geest niet meer in beweging te brengen door de bloemrijke taal der Veda's en verkeert hij onwankelbaar in de verheven rust der zelfverwerkelijking, dan ben je het goddelijk bewustzijn deelachtig geworden. 54. Arjuna zei: waaraan herkent men iemand wiens bewustzijn aldus opgaat in het Bovenzinnelijke? Hoe spreekt hij en wat zijn zijn woorden? Hoe zit hij en hoe loopt hij? DE KENMERKEN VAN EEN ZELF- GEREALISEERDE PERSOON. 55. De Allerhoogste zei: O Partha, wanneer men alle zinnelijk verlangen dat uit het dwalen van de gedachten voortkomt laat varen en wanneer men de geest alleen in de zelfbevrediging laat vinden, heet men in zuiver bovenzinnelijk bewustzijn te verkeren. 56. Wie zich niet van streek laat brengen door het drievoudig leed, wie in gelukkige omstandigheden niet opgetogen is en wie vrij is van gebondenheid, vrees en woede, wordt een wijze van standvastige geest genoemd. 57. Wie zonder bindingen is, wie zich niet verheugt wanneer hem iets goeds overkomt, noch treurt wanneer er iets kwaads geschiedt, is echt verankerd in volmaakte kennis. 58. Wie - zoals een schildpad zijn ledematen intrekt onder zijn schild - in staat is zijn zinnen af te wenden van wat ze prikkelt, wordt geacht zich waarlijk in staat van kennis te bevinden. 59. De belichaamde ziel kan weliswaar van zingenot weerhouden worden, hoewel ze haar smaak voor het zinneprikkelende behoudt. Maar wanneer ze zich er niet meer om bekommert, doordat ze een hogere smaak ervaart, is ze echt in bovenzinnelijk bewustzijn verankerd. HET GEVAAR VAN ONBETEUGELDE ZINTUIGEN 60. De zinnen zijn zo sterk en onstuimig, O Arjuna, dat ze zelfs de geest meeslepen van een mens die onderscheidsvermogen bezit en juist zijn zinnen tracht te beheersen. 61. Wie zijn zinnen beheerst en zijn bewustzijn op Mij richt, is een evenwichtig en verstandig mens. 62. Wanneer men datgene beschouwt wat de zinnen bekoort, begint men zich eraan te hechten en uit deze gehechtheid ontwikkelt zich lust en uit lust ontstaat woede. 63. Uit woede komt begoocheling voort en uit begoocheling geheugen-verwarring. Wanneer het geheugen verward is, verdwijnt het verstand en wanneer het verstand verdwenen is, valt men terug in het stoffelijk moeras. HET BEREIKEN VAN VREDE EN GELUK DOOR DE BEHEERSING VAN DE ZINNEN EN KENNIS 64. Wie zijn zinnen weet te beheersen door zich te houden aan de regels van vrijheid in gebondenheid, kan zich de volkomen genade van de Heer verwerven en zo verlost worden van alle voorkeur en afkeer. 65. Voor iemand die aldus in het goddelijk bewustzijn verkeert, bestaat het drievoudig leed van de stoffelijke wereld niet meer; in zo'n gelukkige toestand komt het verstand spoedig in evenwicht. 66. Wie niet in bovenzinnelijke bewustzijn verkeert, kan noch een beheerste geest, noch een evenwichtig verstand hebben, zonder welke men geen vrede kan vinden. En hoe kan er zonder vrede geluk bestaan? 67. Zoals de storm een schip over het water weg kan blazen, zo kan alleen al één van de zinnen, waarop de geest zich richt, iemands verstand op hol laten staan. 68. Daarom, O sterk-gearmde , beschikt iemand die de neigingen van zijn zinnen beteugelt beschikt over een evenwichtig verstand. 69. De welbeteugelde waakt in datgene wat iederéén als nacht beschouwt; en datgene wat iederéén in waakt is nacht voor de schouwende wijze 70. Alleen hij die zich niet laat verwarren door de ononderbroken stroom van begeerten - welke als rivieren uitmonden in de oceaan, die aldoor gevuld wordt, maar altijd kalm is - alleen hij kan vrede vinden, en degenen die zulke begeerten tracht te bevredigen niet 71. Wie elke neiging tot zinsbevrediging heeft opgegeven en een leven vrij van begeerten leidt, wie elke gedachte dat hij enig-iets bezit heeft laten varen en er geen vals ego op nahoudt - alleen die mens kan werkelijk vrede vinden. 72. Dit is de weg van het geestelijk en goddelijk leven en wie hem heeft gevonden kent geen verbijstering meer. Wie in deze wezensstaat verkeert, al is het eerst in het uur van zijn dood, bereikt de Weidsheid der rust In de Upanishads, genaamd de heilige Bhagavad Gita, in de wetenschap van de Allerhoogste Geest, in het boek van devotie, in de samenspraak tussen de Heilige Krishna en Arjuna, staat aldus het tweede hoofdstuk, genaamd "Transcendentale Kennis". 1. Samenvatting van de Gita. 2. Deze vers werd aangepast naar de vertaling uit het Sanskriet in het Engels van Dr. Ramananda Prasad. De vertaling van het Krishna bewustzijn is als volgt: "De wijzen, die de waarheid zien, erkennen dat het niet-zijnde niet blijft en het zijnde niet vergaat. Ze kwamen tot deze slotsom na onderzoek van het wezen van beide." 3. Op Arjuna gericht. 4. Arjuna. 5. Innerlijke strijd tussen goed en kwaad. 6. De wetenschap van de transcendentale kennis. 7. "O zoon van Partha", Arjuna behorende tot de familie van Partha. 8. Arjuna in feite. 9. R.P. vertaalt vers 51 uit het Sanskriet als volgt: 'Karma-yogis are freed from the bondage of rebirth due to renouncing the selfish attachment to the fruits of all work, and attain blissful divine state of salvation or Nirvana.' Vertaald: 'Karma-yogis zijn van de slavernij der wedergeboorte verlost, daar ze zelfzuchtige gehechtheid aan werk resultaten hebben prijs gegeven, om het gezegende en goddelijke oord van heil of Nirvana te benaderen.' Nirvana: Zijntoestand waarin het stoffelijke bestaan wijkt en welke voorafgaat aan alle geestelijke, toegewijde activiteit. 10. Arjuna. 11. Het wordt door R.P. als volgt uit het Sanskriet vertaald: 'A yogi, the person of self-restraint, remains wakeful when it is night for all others. It is night for the yogi who sees when all others are wakeful. (2.69)' 12. Anders nog: 'Zoals de immer volle oceaan kalm en onberoerd blijft, ook al stromen de rivieren in hem binnen, zo vindt, al golft het genot op hem toe, de wijze vrede - maar niet degene die het genot begeert.' 13. Door R.P. als volgt vertaald: 'O Arjuna, this is the superconscious state of mind. Attaining this state, one is no longer deluded. Gaining this state, even at the end of one's life, a person becomes one with the Absolute. (2.72)'
|