de twaalf innen
De 12 innen zijn de inhoud van het satori van Boeddha onder de Bodhiboom over het menselijk lijden. Dit onderricht, komt voort uit zijn meditatie en is een fundamenteel gegeven van het Boeddhisme . De twaalf innen of de twaalf schakels van het afhankelijk ontstaan, de keten die ons vast kluistert in Samsara, de kringloop van geboorte en wedergeboorte. Wat betekent dat we fundamenteel gedoemd zijn om te lijden. Op zich is Zazen, de zittende meditatie, de realisatie. Daar valt geen speld tussen te steken, zegt Meester Dogen. Maar stel nu, dat je na je ochtend zazen, de invloed van zazen negeert, en de verdiensten ervan niet laat doorsijpelen in je dagelijkse leven! Ja, dan loopt er inderdaad iets verkeerd. Dan ben je bezig met jezelf af te snijden van je bron zowel als van de anderen. Het komt erop neer, dat je het beleven van het "één zijn" verduistert en dat je net dat, waar we het meest naar hunkeren, in de weg staat. Een jonge beoefenaar zei: het is als met de auto leren rijden en hem dan op stal laten staan. Mijn bedoeling is om een bondig overzicht te geven van de twaalf innen. Om te wijzen op de actualiteit van die aloude tekst, om aan te tonen hoe hij 'hier en nu' toepasselijk is. Enkel het 'hier en nu' is de plaats van wording, van schepping. Het enige moment waarop wij de eeuwigheid kunnen ervaren. Willen we nu eenmaal ontwaken, dan moeten we het zelf gaan doen in onze dagelijkse beoefening. De lucht is overal, maar zolang we de waaier niet activeren manifesteert de lucht zich niet. De twaalf innen zijn fundamenteel in het onderricht van de Boeddha: "Juni Enji". Het gaat over de inhoud van het * satori van Boeddha onder de bodhiboom, na zes lange jaren van versterving en ascese. De Boeddha was bezorgd over het menselijk lijden, over de oorzaak ervan, het karma, over de verlangens en de gehechtheid die ermee gepaard gaat. Tijdens zijn meditatie onder de bodhiboom kwam hij tot inzicht: hij had het proces van het lijden diep doorzien. Dit inzicht was bron van zijn ontwaken. Het onderricht dat eruit voortkwam is de basis, het fundament, van het boeddhisme. In die mate dat, als we dit proces begrijpen, we exact hetzelfde * satori ervaren als de Boeddha. Juni Enji of de twaalf Engi , het principe van de twaalf schakels van het afhankelijk ontstaan. Enji = innen. Elke handeling gebeurt in harmonie met in & en. In, is de oorzaak. En, is de onderlinge afhankelijkheid. Elk verschijnsel is het gevolg van een oorzaak. Wat zoveel betekent als het verwerpen van het spontane ontstaan. Dolen in Samsara? Voor alle duidelijkheid: Samsara is geen plaats, het is ook geen toestand. Samsara is een wording. Wijzelf ZIJN het Samsara! Tijdens ons bestaan passeren we door verschillende werelden. We doorgaan zes stadia of bestaansniveaus die onderhevig zijn aan conditionering en dus bepaald worden door de omstandigheden. Omdat ze afhankelijk zijn van voorwaarden (niet onvoorwaardelijk zijn) veroorzaken ze lijden. Deze bestaansniveaus of werelden zijn: de onderwereld of hel. De wereld van gaki's, een wereld van honger, gulzigheid en machtswellust. De dierlijke wereld, een wereld van instincten en onwetendheid. De wereld van de mensen, die gunstig is voor het ontwaken. De wereld van de competitie, van titanen of asura's. De wereld van de goden, deva's, waar we denken dat we * satori hebben bereikt. Er is geen noodzakelijke volgorde aan die toestanden en de duur ervan kan sterk variëren. We kunnen de verschillende stadia doorlopen in de tijdspanne van een oneindige cyclus van opeenvolgende levens, aan elkaar geketend door karma, of in de tijdspanne van één enkel leven, één enkele dag, één enkele zazen.De innen. Ze worden traditioneel voorgesteld als een cirkel, een keten, om aan te tonen dat er geen begin of einde aan is. Gewoonte getrouw begint men bij: Mumyo. Mumyo : onwetendheid of verwarring. Meester Deshimaru zei dat we onwetend waren, niet bewust, van wat we 'echt' zijn. Voor Boeddha Shakyamuni betekent het onwetend zijn over de vier edele waarheden, het niet begrijpen van het proces van het lijden: de edele waarheid van het lijden, van de oorzaak van het lijden, van de mogelijkheid om ervan bevrijd te worden en van het achtvoudige pad, de weg die naar de bevrijding er van leidt.Gyo : het handelen. Verwarring genereert impulsen, Samskara's, deze motiveren ons tot handelen met een lichaam, een geest en met woorden. Het komt erop neer dat ze karma veroorzaken.Deze impulsen worden niet door de wijsheid van zazen belicht, maar teweeggebracht door onwetendheid, gretigheid en haat (de drie giften), die onvermijdelijk lijden veroorzaken. We willen terugkomen omdat we onwetend en verward zijn. Die wil projecteert ons in een dynamisme dat ons in Samsara slingert. Shiki : het bewustzijn. Het gaat over het bewustzijn net voor de dood. Dit bewustzijn conditioneert het herboren worden. Myoshiki : naam en vorm. Myo : mana/mentale/geest. Shiki : rupa/lichaam/verschijnselen. Lichaam en geest. Of liever: de geest en het lichaam dat er de uitdrukking van is. Het is de verschijning van een nieuw lichaam/geest, namarupa, de vijf skanda's, of aggregaten die het individu, dat uiteraard dualistisch is, uitmaken. Roku nyu: domein van de zintuigen. De zes zintuigen (vijf zintuigen + het bewustzijn ervan. De persoon komt in contact met de buitenwereld en zo ontstaan de zes domeinen van de zintuigen. Het zijn de vijf zintuigen zoals we ze kennen, plus hun bewustzijn (het bewustzijn van het zien, horen voelen, ruiken, proeven), samen beschouwd als zesde zintuig. Shoku : contact. Het contact van de zes zintuigen met de voorwerpen. Cognitieve indrukken waarbij men louter, zonder emotie, waarneemt. Ju : gewaarwording. Dit zijn waarnemingen waarbij emotie te pas komt. Het affectieve komt daarin tussen. Dingen worden ervaren als goed, slecht of neutraal. Ik hou er van of ik hou er niet van. Het is aangenaam, onaangenaam of neutraal. Ai : verlangen of dorst. Een aangename ervaring wekt verlangen/dorst naar meer. Zo ontstaat gehechtheid samen met angst voor verlies. Shu : gehechtheid. Als men iets heeft verworven hecht men er zich aan en vreest men het te verliezen. Men hecht zich aan het leven, men wil genieten. U : wording, willen terugkomen. Omdat men gehecht is aan zintuiglijke voorwerpen wil men terug komen om ervan te genieten. Sho : de geboorte, het leven. Wat terugkomt is niet een ego met een vaste vorm, maar iets als een energie van het bewustzijn. Die energie raakt verzeild in een proces van "willen terugkeren". Terugkomen heeft niets te maken met een straf, het is gewoon de situatie die we hebben veroorzaakt. Roshi : verval, ouderdom en dood. Als logisch gevolg van de geboorte: we worden geboren, we worden oud, we sterven . een eeuwige cyclus. Probeer nu niet om het proces van deze keten der onderlinge afhankelijkheid op intellectueel vlak te begrijpen, want het zal niet lukken. Intuïtief begrijpen dan? Misschien wel. Een ding is zeker, het is mogelijk om eruit te geraken. Het volstaat een van de schakels te doorbreken om te ontsnappen aan Samsara. Boeddha vond dat de twee gevoeligste punten 'verwarring' en 'verlangen' zijn, met als tegenpool 'verwerping'. Een grote vastberadenheid en een sterke inzet, een onmetelijk vertrouwen en een onaflatende beoefening, kan ons uit de verwarring helpen. Om uit 'het verlangen' te geraken kan men het ofwel onderdrukken door ascese, ofwel het op een hedonistische manier totaal beleeft. Precies wat de Boeddha uitprobeerde! Maar dat lukte hem niet. Zijn oplossing werd de Weg van het midden. Het midden tussen ascese en hedonisme. Maar laat ons eerst hierover duidelijk zijn: op relatief vlak bestaat het ego wel. Het heeft zijn volwaardige plaats in het sociale leven. Zonder een normaal uitgebouwd ego ben je aan psychische hulp toe. Daar gaat het niet over. Op het ultieme vlak daarentegen is het ego zonder substantie. Het bestaat niet als een vast gegeven. Het is even vloeibaar als al de rest, als de oorzaken, als de voorwaarden, de conditioneringen . Het vloeit verder en stroomt mee als het water van de rivier. De stroom tegenhouden veroorzaakt pijn. De stroom volgen lijkt eenvoudig maar is helemaal niet gemakkelijk. Uiteindelijk betekent het dat we als individu niet eeuwig zijn, maar dat we tevens niet gedoemd zijn om te verdwijnen. We zijn als de golf, die niet weet dat hij meer is dan gewoon een golf, hij is ook de oceaan. Als golf kan hij verdwijnen, maar de oceaan blijft voortbestaan. Ook dit is de weg van het midden. Laat ons nu een stap verder zetten. De stap die de beoefenaar van het Mahayana boeddhisme zet, de stap van de Boddhisattva. De Boddhisattva begrijpt hoe alles met elkaar onderling verbonden is. Hij verzaakt aan zijn eigen bevrijding en gaat het Samsara niet uit de weg. Zo vaak als nodig, keert hij terug om zijn gelofte alle wezens te redden waar te maken. Hij valt niet in het Samsara, maar hij kiest om erin te springen. Zoals de lucht is de niet gemanifesteerde boeddhanatuur alom tegenwoordig, het is aan ons hem te verwezenlijken, aan ons om de waaier te activeren. Op zich is zazen, de zittende meditatie, verlichting. Daar valt geen speld tussen te steken, zegt Meester Dogen. Zazen belicht de leegheid van onze bonno's, onze illusies. We zien dat ze op zich niet bestaan en we kunnen inzien dat er geen verschil is tussen illusie en ontwaken. Onze illusies geven ons de gelegenheid om te ontwaken als we bewust worden dat ze leeg zijn en dat we ze niet meer volgen. Bonno soku bodai: de bonno's (illusies) zijn het ontwaken. Er is geen scheiding tussen beiden. Geen dualisme. Zo is onze ware natuur. * satori (satoru in het Japans) betekent 'begrijpen', meer bepaald zichzelf begrijpen. Het is geen buitengewone verlichting, maar leven in harmonie met de Dharma die we realiseren in de beoefening, in eenheid van lichaam en geest.
|