HET GROTE EN KLEINE VOERTUIG
Het boeddhisme kent geen centraal gezag. Het bezit geen Paus, zoals de
christenen en het bestaat bovendien uit diverse strekkingen. Die zijn
geen echte schisma's, maar vertegenwoordigen - meestal lokale of regionale
- andere interpretaties van de leer van boeddha.
Boeddha liet overigens geen zogeheten Bijbel na, maar alleen zijn sermoenen,
de Tripitaka, die later werden opgetekend.
Zij vormen een drieluik dat bestaat uit de soetra (de woorden van boeddha),
de sinaja (de leefregels voor de monnik) en de habidarma (de interpretaties
van de soetra).
Alle boeddhistische strekkingen volgen dit drieluik. Het "dharma" is
de leer van boeddha.
De daad en de intentie van de daad
De boeddhistische leer aanvaardt geen macht van de priesters, geen noodzaak
van offers aan de goden, geen discriminatie op grond van kaste of klasse,
beroep of rijkdom.
Het is de morele gedragslijn van de enkeling.
Het boeddhisme had daarom onmiddellijk succes bij de lagere standen en
de opkomende burgerij.
Een belangrijk verschil met het hindoeïsme was dat het boeddhisme "de
intentie van de daad" ging beoordelen en niet "de daad" op
zichzelf.
Siddartha Gautama Sakyamuni werd geboren als een prinsenkind. Gautama verwijst
naar zijn familiale afkomst. Siddartha betekent "Hij wiens wensen
vervuld zijn" en Sakyamuni staat voor "de wijze van de Sakya's".
De Sakya's waren een stam, een rijk in (het huidige) Nepal, langs de grens
van Noord-India. Boeddha's vader was een Koning van Sakya.
Boeddha is overigens geen god en het boeddhisme loochent ook het bestaan
van de goden niet. Het beschouwt hen als een vorm van leven, zoals de mens,
het dier en de plant.
Een god leeft zelfs langer: wel duizend jaar. En een mens is één
dag in het leven van god. Een mens wordt dus in principe 100 jaar oud.
Het geloof in de reïncarnatie of wedergeboorte ontstond zowat 600
jaar voor onze tijdrekening en werd door de boeddhisten overgenomen.
Het werd een kernpunt van het boeddhisme.
Strijd voor volmaaktheid
Elk leven is een voortdurende strijd op weg naar de volmaaktheid. Via
ethische voorschriften en meditatie wordt de begeerte overwonnen
en wordt onwetendheid
omgezet in inzicht. Er is dus geen sprake van rituelen.
Zo komt de boeddhist altijd in een beter leven terecht. Hij gebruikt
daarvoor de trap. Elk leven is een trap. Dat is het theravada.
Deze langzame weg, die ook hinajana wordt genoemd, staat in een schrille
tegenstelling met het mahajana, dat ook toelaat om met de lift naar boven
te gaan, dit wil zeggen dat men enkele levens kan overslaan om een beter
bestaan te bereiken.
Ook bij zenboeddhisten wordt dit mogelijk geacht.
Vier Waarheden en het Achtvoudig Pad
Na zijn wekenlange meditaties was Boeddha al 35 toen hij de Vier Waarheden
gevonden had. Die zijn:
· Het besef dat het lijden bestaat en onvermijdelijk is. Ook de vreugde
bestaat, maar zij keert altijd om.
· Het besef dat de bron van het lijden onze verlangens zijn, de illusies
en de onwetendheid.
· Het besef dat het lijden kan worden gestopt door de eliminatie van de
verlangens.
· Het besef dat dit mogelijk is door het bereiken van het Achtvoudige
Pad, de leer van Boeddha.
Het Achtvoudige Pad bestaat uit:
· Juist inzicht en juist besluit.
· Juist woord en juiste daad.
· Juist leven en juiste streven.
· Juiste denken en juiste meditatie.
Mahajana en Hinajana
Aanvankelijk had Boeddha geen aangezicht. Hij werd voorgesteld
met "het
wiel van de wet" of met voetafdrukken, een lege troon, of de boom
waaronder hij mediteerde.
Een onbekende gaf hem echter een aangezicht in de eerste eeuw voor Christus.
De Griekse god Apollo stond hiervoor model, maar hij kreeg enkele Indiase
trekjes, gesloten ogen en... de glimlach, die later ook boeddhistische
Thailand (Siam: het land van de glimlach) zou beroemd maken. Dat gebeurde
toen er zware spanningen ontstonden tussen het hindoeïsme (contra
reformatie) en de boeddhistische koningen in India. De hindoeïstische
contrareformatie greep naar de 'puranas', verhalen uit de voortijd, om
zichzelf een heilige literatuur te verschaffen.
Het Grote Voertuig
Het boeddhisme verbreidde zich vanuit India door Zuid- en Oost-Azië op
ongeveer hetzelfde ogenblik dat het christendom oprukte in Europa. In die
nieuwe omgevingen onderging het belangrijke veranderingen, gekend als Mahajana
en Hinajana.
Mahajana staat voor Groot voertuig of het grote, betere pad naar de verlossing.
De mentale en morele zelfdiscipline verschilt grondig van de oorspronkelijke
door boeddha gepredikte houding. Eigenlijk een nieuwe godsdienst. De mahajana's
geloven dat er geen oneindige reeks wedergeboorten meer komt. Nu kan hij
hopen dat hij door zijn vroomheid na zijn dood verwelkomd zal worden in
een heerlijk oord, het 'westelijk paradijs' of ook 'het reine land' genoemd.
De mahajana's vormen de grootste stroming binnen het boeddhisme. Zij wijzen
de ascese af en streven naar 'bodhisattvaschap', het uitstel van het nirvana.
Voor hen is boeddha minder een historische figuur dan een realiteit achter
alle schijn.
Het mahajana is meer elitair, individueel gericht.
Het Kleine Voertuig
In Zuid-Azïe ontwikkelde zich het hinajana (het kleine voertuig, of
het kleine, het mindere pad naar de verlossing). Dit staat dichter bij
de oorspronkelijke gedachten van Gautama en legt de nadruk op het individuele
streven.
Hinajana is meer naar de monnik gericht. Vooral vertegenwoordigd op Sri
Lanka en Zuidoost-Azië. Het ontkent dat de soetra's van het mahajana
werkelijk gesprekken zijn van boeddha en erkent slechts één
historische boeddha. Oorspronkelijk waren er 18 sekten, maar alleen de
'theravada' (leer van de ouden) bleef over.
Het hinajana wordt ook omschreven als "het sociaal boeddhisme".
In alle boeddhistische landen bestaat er nog een volksgeloof naast het
boeddhisme, zoals bv. het geloof in geesten, en oude gebruiken zoals begrafenisriten
en festivals.
Japan leerde in China het zenboeddhisme kennen
In Japan ontwikkelde zich het zenboeddhisme, als aftakking van het Mahajana.
Deze stroming wijkt af van de Indiase 'soetra's' en is gewonnen voor
'de plotse en intuïtieve verlichting (in Japans 'satori').
Zengeleerden situeren zijn ontstaan in de 7de eeuw in China. Grondlegger
zou Huineng (638-713) zijn. Twee richtingen groeiden in de 9de eeuw: Tsau-toeng
(Soto in Japans) en Lin-tsji (Rinzai in Japans). Beiden kennen als methoden
'za-zen' (zitten in meditatie) en 'koan' (een spreuk met een verlichtende
werking).
Het zenboeddhisme beïnvloedde ook de Japanse gevechtssporten, de dichtkunst
(haiku), tuinarchitectuur en het bloemschikken (ikebana).
Niet overal bedelmonniken
Bijna iedereen in de Zuidoostaziatische landen is boeddhist. En velen gaan
voor een tijdje naar het klooster om het leven van een monnik of een
non te leiden.
Meestal voor een zestal maanden. Niet in China echter.
Mannen, die zulks niet doen, worden wel eens halve mannen genoemd. Je zou
pas een echte man zijn als je het harde leven van monnik eventjes gekend
hebt. Een monnik moet al zijn bezittingen afstaan. Hij heeft alleen maar
een monnikskleed, een bedelnap (een kommetje waarin hij zijn geld bewaart),
een scheermes, een handdoek, een paraplu en nog enkele andere kleine spullen.
Een monnik draagt altijd een oranje kleed dat over de linkerschouder is
vastgeknoopt. Hij is kaalgeschoren en leeft van bedelarij.
Mensen geven graag geld aan monniken omdat zij denken dat ze daar in een
volgend leven voor beloond zullen worden.
Een monnik moet heel veel mediteren. Dat is heel geconcentreerd nadenken,
zodat je vergeet waar je bent, hoe laat het is, soms zelfs wie je bent.
Door te mediteren kom je tot inzicht, je vindt antwoorden op belangrijke
vragen.
Weg naar het Nirvana
Het boeddhisme leert je hoe je dit nirvana kan bereiken:
Je moet aangeboren gebreken zoals begeerte, hebzucht en onwetendheid
kwijt raken en in de plaats juist leven en handelen. Een boeddhist moet
héél
goed zijn, mag geen kwaad spreken of slechte gevoelens hebben.
Een eeuwige verdoemenis bestaat niet in het boeddhisme. Zelfs voor de slechtste
mens is de redding nog mogelijk.
Alleen monniken die daar heel hard aan werken en heel veel mediteren, kunnen
misschien het nirvana bereiken. Alle andere mensen moeten goed zijn, bedelende
monniken geld geven en boeddha eren, zodat zij het in een volgend leven
beter hebben.
Het boeddhisme wint intussen langzaam terrein in de Verenigde Staten en
Europa. In Frankrijk zouden er al drie miljoen boeddhisten zijn.
In België bestaan twee boeddhistische centra, één in
Wallonië en één in Schoten bij Antwerpen.
Homepage Sangha Reiki

  |