Groot Prajna-Paramita
Hart
Sutra
0ngeveer 2500 jaar geleden dicteerde Avalokitesvara aan Sariputra de
hartsutra die begint met:
“ O,
Sariputra vorm is leegheid en leegheid is vorm”.
Deze stelling is de sleutel van de poortloze poort.
De hart sutra is in het Mahayana Boeddhisme tekst in het genre
'Prajna Paramita sutra'. Deze prajna paramita sutras handelen over
Sunnyata (leegte), een centraal onderwerp in de Boeddhistische Filosofie.
De Hart Sutra is binnen dit genre de kortste - over het geheel genomen
wijden oudere Prajnaparamita sutras nogal uit, door ellenlange herhalingen.
Als we dat wat wij als vorm beschouwen niet als leegte zien en dat
wat wij als leegte zien niet als vorm, dan beschouwen we vorm
en leegte als
twee afzonderlijke fenomenen.
De sleutel omdraaien is inzien dat wat wij als afzonderlijke
fenomenen zien, eenheid is.
Op het moment dat vorm en leegheid in hun werkelijke hoedanigheid
ervaren wordt is deze eenheid niet meer te benoemen. Ons
redeneervermogen is
niet bij machte deze eenheid in taal, schrift, of beeld over
te brengen, om de simpele reden dat hij of zij die dit ervaart
zelf deze eenheid
is. Spraakdie zichzelf verklaart, of een oog wat zichzelf
ziet.
Alles wat er over te zeggen valt is dat jij een jij bent,
een boom een boom, kortom dat wat is, is. Hongaku Zeshin

MAKAHANNYA HARAMITTA SHINGYO
O Shariputra, vorm is niets anders dan leegte, leegte is niets anders
dan vorm.
Leegte is vorm en vorm is leegte.
En dit zelfde geldt voor: Gewaarwording, begrip, onderscheidingsvermogen
en bewustzijn.
O Shariputra, alle verschijnselen zijn vormen van leegte, zonder
begin of eind.
Ze zijn niet bevlekt, noch puur, zonder winst of verlies.
In leegheid is geen vorm, gewaarwording, begrip, onderscheidingsvermogen
of bewustzijn.
Geen oog, oor, neus, tong, lichaam of geest.
Geen kleur, geluid, reuk, smaak, gevoel of verschijnselen.
Geen onwetendheid en geen eind aan onwetendheid.
Geen ouderdom en dood, geen eind aan ouderdom en dood.
Geen lijden en geen oorzaak van lijden.
Geen wijsheid en geen gewin.
Geen gewin, en daarom
Leeft een Bodhisatva zonder geestelijke belemmering constant in meditatie.
Vrij van belemmering, kent hij daarom geen angst.
Hij leeft verheven boven misleidende gedachten. Dit is Nirwana.
Al de Boeddha's uit het verleden, heden en toekomst, leven in volmaakte
wijsheid en verkrijgen daarom de uiteindelijke complete verlichting.
Daarom zijn deze woorden waar, niets dan waar, het zijn onweerlegbare
woorden, beter is er niet.
Ze verlichten alle pijn, dit is de waarheid, geen leugen.
Zeg het daarom voort.
Zeg deze mantra (ware woorden) voort, zeg :
De
Hartsutra, of Maha-Prajñaparamita-Hridaya-Sutra die in het
Sanskriet is geschreven, betekent ‘het grote hart van volmaakte
wijsheid’ of ‘het hart van grote transcendente wijsheid’.
Sunim citeert de sutra (een preek van maar negen verzen, toegeschreven
aan de Boeddha) regel voor regel, en geeft een gedetailleerde verklaring
van de betekenis ervan. Tussen die toelichtingen staan, waar dat
van toepassing is, vergelijkingen met inzichten die de kwantumfysica
ons heeft gegeven. De Hartsutra is gewijd aan de leer over sunyata,
wat wordt vertaald met ‘leegte’, maar het begrip sunyata
is niet gemakkelijk te vertalen. De auteur probeert te beschrijven
hoe de denkbeelden van de wetenschap over de bouwstenen van de materie
en haar opvatting dat al het leven bestaat uit solide onvernietigbare
deeltjes, zich bij natuurkundigen die zich met het subatomaire bezighouden,
heeft ontwikkeld tot het besef dat er geen voorwerpen bestaan, maar
alleen steeds veranderende processen, ‘een continue dans van
energie’. Sunim laat zien dat er een parallel bestaat tussen
deze constatering en de ervaring van iemand in meditatie die door
de stilte in hem gaat inzien dat alles wat in de wereld bestaat maar
korte momenten van bewustzijn zijn. Hij zegt dat er ‘geen
vorm bestaat waarin deze universele energie niet overal aanwezig
is; vorm
en energie doordringen elkaar voortdurend in een steeds wisselende
dans van moleculen, en scheppen zo ons heelal.’
Sunim besluit met de gedachte dat als we met wijsheid kunnen leren
van de mahayana-mystici en de ontdekkingen van de kwantumtheorie,
we de wereld kunnen helpen zich te
ontwikkelen naar verbondenheid en het accepteren van onze persoonlijke verantwoordelijkheid.
Met de woorden van een zenmeester van deze tijd: ‘Wanneer u zitmeditatie
beoefent, en er maar één moment van zou genieten, als u kalmte
en geluk in uzelf kunt bereiken, verschaft u de wereld een stevige basis voor
vrede. Als u uzelf geen vrede geeft, hoe kunt u die dan met anderen delen?’
Door de lezer twee verschillende benaderingen aan te bieden om de werkelijkheid
te begrijpen, geeft Sunim een indrukwekkende moderne verklaring van de Hartsutra
en zijn belangrijke boodschap van sunyata. Bijna vanzelf ervaart men een diepe
verbondenheid tussen alle vormen van bewustzijn en beseft men het effect en
de invloed van ieder individu op het geheel. Tot slot, de toestand van sunyata
die
leidt tot een verlossing uit het lijden, wordt op elegante wijze tot uitdrukking
gebracht in de mantra van de Hartsutra: Gate gate paragate parasamgate bodhi
svaha, ‘Eer aan de verlichte geest die is overgestoken naar de andere
oever.’
DE HARTSUTRA
PRAJÑAPARAMITAHRIDAYASUTRA
Om namo bhagavatyai arya-prajñaparamitayai!
Om! Gegroet de gezegende en edele! (die de andere oever van de meest uitnemende
bovenzinnelijke wijsheid heeft bereikt).
(In deze invocatie wordt de volmaking van bovenzinnelijke wijsheid gepersonifieerd
als de meedogende moeder van bodhi — wijsheid — die de verlichting
schenkt aan de bodhisattva’s die oplettend de weg hebben gevolgd die
is voorgeschreven voor de aspirant naar volledige verlichting — samyak
sambodhi.)
1
arya-avalokitesvaro bodhisattvo gambhiram
prajñaparamitacaryam
caramano vyavalokayati sma: pañca-skandhas tams ca svabhavasunyan
pasyati sma.
De edele bodhisattva, Avalokitesvara, bezig met het beoefenen
van de diepzinnige transcendente wijsheiddiscipline, keek van boven
naar
de vijf skandha’s (bundels) en zag dat ze in hun svabhava (zelfzijn)
geen substantieel bestaan hebben.
2
iha sariputra rupam sunyata sunyataiva
rupam, rupan na prithak sunyata sunyataya na prithag rupam, yad
rupam sa sunyata ya sunyata
tad rupam;
evam eva vedana-samjña-samskara-vijñanam.
Hier, O Sariputra, is lichamelijke vorm leegte; waarlijk, leegte
is lichamelijke vorm. Buiten lichamelijke vorm bestaat er geen leegte;
en evenmin bestaat er buiten leegte lichamelijke vorm. Wat leegte
is, is lichamelijke vorm; wat lichamelijke vorm is, is leegte. (Eveneens
geldt voor de vier bundels) gevoel, waarneming, mentaal voorstellingsvermogen
en bewustzijn (dat ze geen substantieel bestaan hebben).
3
iha sariputra sarva-dharmah sunyata-laksana, anutpanna aniruddha,
amala avimala, anuna aparipurnah.
Hier, O Sariputra, worden alle verschijnselen van het bestaan gekenmerkt
door leegte: ze worden geboren noch vernietigd, ze zijn bezoedeld
noch onbevlekt, ze vertonen geen tekort en geen teveel.
4
tasmac chariputra sunyatayam na rupam na
vedana na samjña
na samskarah na vijñanam. na caksuh-srotra-ghrana-jihva-kaya-manamsi.
na rupa-sabda-gandha-rasa-sprastavya-dharmah. na caksur-dhatur yavan
na manovijñana-dhatuh. na avidya na-avidya-ksayo yavan na
jaramaranam na jara-marana-ksayo. na duhkha-samudaya-nirodha-marga.
na jñanam, na praptir na-apraptih.
Daarom, O Sariputra, is er in leegte geen lichamelijke vorm, geen
gevoel, geen mentaal voorstellingsvermogen, geen bewustzijn; geen
oog, oor, neus, tong, lichaam, of denkvermogen; geen zintuiglijk
waarneembare voorwerpen van lichamelijke vorm, geluid, reuk, smaak,
of tastbare toestanden; geen visueel element, enz., tot men komt
tot geen verstandelijk-kennend element. Er is geen onwetendheid,
noch opheffing van onwetendheid, totdat we komen tot: niet oud worden
en geen dood, noch opheffing van oud worden en dood. Er is geen lijden,
geen ontstaan [van het lijden], geen ophouden [van het lijden], geen
pad [dat voert naar het ophouden van het lijden]; er is geen hogere
kennis, geen bereiken (van nirvana), geen niet-bereiken.
5
tasmac chariputra apraptitvad bodhisattvasya
prajñaparamitam
asritya viharaty acittavaranah. cittavarana-nastitvad atrasto viparyasa-atikranto
nistha-nirvana-praptah.
Daarom, O Sariputra, door zijn niet-bereiken (van nirvana)
verblijft de bodhisattva, die zijn toevlucht heeft genomen tot
prajñaparamita
(bovenzinnelijke wijsheid), sereen in volmaakte mentale vrijheid.
Door zijn niet-bezitten van mentale belemmeringen, bereikt (de bodhisattva)
zonder angst, alle verkeerde voorstellingen te boven gekomen zijnde,
het onbereikbare (geluk van) nirvana.
6
tryadhva-vyavasthitah sarva-buddhah
prajñaparamitam
asritya- anuttaram samyaksambodhim abhisambuddhah.
Alle boeddha’s, zelf bepaald hebbend te verschijnen in de
drie tijdsperioden (verleden, heden en toekomst), zijn na hun toevlucht
te hebben genomen tot de onvergelijkelijke prajñaparamita,
volledig ontwaakt in samyak sambodhi (absolute volmaakte verlichting).
7
tasmaj jñatavyam: prajñaparamita maha-mantro mahavidya-mantro ‘nuttara-mantro
samasama-mantrah, sarva-duhkha-prasamanah, satyam amithyatvat. prajñaparamitayam
ukto mantrah. tadyatha: gate gate paragate parasamgate bodhi svaha.
iti prajñaparamita-hridayam samaptam.
Daarom moet de prajñaparamita worden erkend als de grote
mantra, de mantra van grote wijsheid, de meest verheven mantra, de
onvergelijkelijke mantra en de verzachter van al het lijden; ze is
de waarheid omdat ze niet onwaarheid is. Dit is de mantra verkondigd
in prajñaparamita. Deze luidt:
gate, gate, paragate, parasamgate bodhi svaha!
Gegaan, gegaan, gegaan naar ginds (naar de andere oever); volledig
gegaan naar de andere oever! O verlichting! Het zij zo! Heil!
Zo eindigt Prajñaparamitahridayasutra.
— Naar de Engelse vertaling van dr. Harischandra
Kaviratna.
Commentaar op de Hartsutra
Aan dit geschrift is in mahayanalanden altijd de hoogste verering
betoond. In China en Japan bestaan er minstens achtentwintig verschillende
versies van deze heilige bijbel van de boeddhistische scholen.
De Prajñaparamitasutra wordt gezien als de heilige moeder
die de bodhisattva voedt met de amrita (nectar) van prajña
(transcendente wijsheid), en hem leidt naar paramita (de andere
oever). Het is de ‘allerhoogste volmaking’ die aan
de bodhisattva volledige verlichting schenkt, nadat hij met succes
de andere vijf paramita’s heeft verwezenlijkt: dana (barmhartigheid),
sila (deugdzaamheid), ksanti (geduld, verdraagzaamheid), virya
(kracht), en dhyana (concentratie).
Taalkundigen die alleen de etymologie van het Sanskriet beheersten,
zonder zelfs maar een elementair begrip te hebben van het boeddhistische
denken, hebben de
verspreiding van het esoterische boeddhisme in Europa en Amerika veel schade
gedaan. In het laatste decennium van de negentiende eeuw verscheen de eerste
Engelse weergave van de Prajñaparamita in Samuel Beal’s Catena of
Buddhist Scriptures [Reeks boeddhistische geschriften]. Vervolgens verscheen
een Engelse vertaling van Max Müller in deel XLIX van zijn reeks Sacred
Books of the East [Heilige boeken van het oosten]. In de achttiende eeuw vertaalde
Hion Shon de Prajñaparamita rechtstreeks uit het Sanskriet in het Japans,
hoewel er al verschillende op Chinese teksten gebaseerde Japanse uitgaven bestonden.
Tibetaanse boeddhisten geloven dat Boom of Bum (Prajñaparamita) de meest
onfeilbare tekst is om hen te wekken uit de illusie van samsara (de cyclus van
geboorte en dood). Er zijn ook verschillende Franse en Duitse vertalingen in
omloop, gebaseerd op onvolledige Chinese versies of fragmentarische Sanskrietteksten.
Prajñaparamita-hridayam (hridaya betekent hart) — de meest gecomprimeerde
weergave van de sutra — werd in het jaar 400 n.Chr. door de beroemde Indische
geleerde en boeddhistische missionaris, de eerwaarde Kumarajiva, in het Chinees
vertaald, en wordt door alle boeddhisten, monniken zowel als leken, van Tibet,
China en Japan zelfs nu nog gebruikt als een werk dat een beschermende magische
kracht bezit. Het werd in 1934 in het Engels vertaald door D.T. Suzuki uit Japan,
in 1958 door Edward Conze uit Engeland, en in 1969 door Dwight Goddard in Amerika.
De letterlijke vertaling [in het Engels] die ikzelf heb gemaakt, en die hierna
[in het Nederlands] volgt, is rechtstreeks uit het oorspronkelijke Sanskriet.
De volledige tekst van de Grote Sutra van Prajñaparamita werd meedogenloos
door moslim-brandstichters vernietigd bij de grote brand van de boeddhistische
universiteit van Nalanda. Bij die brand gingen miljoenen boeddhistische en hindoeïstische
manuscripten en kunstwerken verloren en vonden vele monniken de dood. Omdat de
oorspronkelijke Prajñaparamita uit honderdduizend stanza’s zou hebben
bestaan, werd ze Satasahasrika Prajñaparamita genoemd. De tekst is in
de eerste plaats bedoeld om hem uit het hoofd te leren, en men gelooft dat de
aspirant die hem eenmaal vanbuiten kent erdoor wordt beschermd. –
Harischandra
Kaviratna
Homepage Sangha Reiki


